Geduld

12 03 2010

Geduld

Kun je met iemand praten die je niet kent?
De wind woei, maar vandaag toch wel veel kouder dan normaal. Zijn wangen waren haast bevroren, zo voelden ze aan. Zijn tenen voelde hij al niet meer.
Hij liet zijn hand zakken in het ijskoude water. Golfjes ontstonden, vluchtten van schrik weg, weg van die hand. Zelfs het water
Hij keek naar beneden, in het spiegelende oppervlak, en zag de grauwe winterlucht die in de verte, ver weg van hem, hing.
“Hoi.”
De fluistering ging verloren in de wind.
“Hoi,” zei hij nog een keer, dit keer wat harder, om boven die verschrikkelijke wind uit te komen. “Hoi!” echode het door het gras aan de overkant.
Niemand riep terug. Niemand gooide haar armen in de lucht, klaar voor een warme omhelzing. Niemand lachte naar hem, riep zijn naam…
Maakt niet uit.
Hij zuchtte onhoorbaar, sloot zijn ogen terwijl hij ze van de koude wind afwendde. In de verte luidde een kerktoren.

Op de laatste dag van het jaar zat er een jongen van zeventien in z’n eentje bij een beekje naar het water te staren. Hij keek op, staarde naar de horizon, net onder de grijze wolken, voorbij de verzengende wind.
“Ik wacht nog wel een jaar,” verzuchtte hij. Toen stond hij op, en liep terug naar huis.





Hallo wereld vol onkruid

11 03 2010

Hallo wereld! Ja, ik zie het wel: jullie duiken ineen! Nee he, RJ heeft wéér een nieuwe manier gevonden om deel uit te maken van de wereld, om dat deel van de wereld dat hij voorstelt eens even lekker te propaganderen (voor zover dat een woord is).

Hoe dan ook, wat niet weet wat niet deert. Dus alleen wie dit leest, heeft een probleem.

Ik hoop alleen niet dat de rest van mijn blogs van even slechte kwaliteit gaan worden. Geloof me, ik kan beter! ‘t Is gewoon de slaap die de overhand krijgt, denk ik. Toen ik nog een beetje helder was vanavond, schreef ik het volgende stukje. Oh ja, dat had ik nog niet vermeldt: ik ben hobbyist: ik schrijf. Af en toe, proza of poëzie, beide een beetje. Dit specifieke stukje is een eerste uitwerking van de gedachten van de hoofdpersoon van mijn volgende boek-project. En daar weer de moeder van, zou m’n vader zeggen.

Hier begint dus de fictie, voor de duidelijkheid…
RJ

Onkruid

Ik kijk naar buiten door het raam, en zie dat alles doorgaat. Het leven gaat door, de mensen gaan door met lopen, in de benauwde straatjes, waar het zonlicht nauwelijks meer tussen de met onkruid beslagen muren door komt. Muren voor graffiti, alleen dat kun je niet zien, want het onkruid is er overheen gegroeid, maar voor de vergrijzing was er al de verloedering. De jeugd wordt oud, laat zijn bus spuitverf staan, en gaat langzaam dood. In een auto-ongeluk.








Follow

Get every new post delivered to your Inbox.